
Bij het naaien is een nette afwerking van de stofranden belangrijk. Daarmee voorkom je rafelen en blijft je werkstuk langer mooi. Veel naaimachines beschikken over speciale steken om randen af te werken, waaronder de overlocksteek.
Op de naaimachine zit minimaal één overlocksteek. Bij een uitgebreidere naaimachine zijn meerdere verschillende overlocksteken beschikbaar. Deze steken zijn geschikt voor rekbare en niet-rekbare stoffen. Raadpleeg hiervoor altijd de handleiding van je machine.
Een overlocksteek gebruik je om een werkstuk aan de binnenkant af te werken. In het verleden werd hiervoor vooral de zigzagsteek gebruikt. Daarmee werden rafelende randen afgewerkt zodat de stof niet verder ging rafelen.
Test welke locksteek op jouw machine het mooiste resultaat geeft bij een bepaalde stof. Dit verschilt per naaimachine.
De locksteek van de naaimachine naai je niet strak langs de buitenrand. Knip eerst een naadwaarde van 1,5 cm. Tijdens het naaien blijf je een halve centimeter van de buitenrand af. Na het afwerken knip je langs de buitenrand van de locksteek die halve centimeter weg, zodat er 1 cm naadwaarde overblijft. Wanneer je per ongeluk toch langs de buitenrand naait, trekt de steek samen en ziet de afwerking er minder mooi uit.
Een nettere afwerking van randen bereik je met de locksteek van een lockmachine. Deze machine is speciaal ontworpen voor het afwerken van met name rekbare stoffen en geeft ook bij niet-rekbare stoffen een mooie afwerking.
Een groot voordeel van een lockmachine is dat hij de stof tijdens het naaien direct langs de rand afsnijdt, waardoor je dit niet meer zelf met een schaar hoeft te doen.
Omdat de lockmachine de stof direct afsnijdt, is het belangrijk dat je zeker bent van de pasvorm van het kledingstuk. Wanneer je tijdens het locken scheef naait, bestaat het risico dat het werkstuk te smal wordt.
Rijg het werkstuk vooraf op de naaimachine met een grote, losse steek in de juiste kleur. Zet de spanning lager, bijvoorbeeld op stand 2. Pas het kledingstuk en breng waar nodig nog aanpassingen aan. Daarna lock je over de rijgsteek met een vierdraads locksteek. Raadpleeg hiervoor de handleiding van je lockmachine.
De vierdraads locksteek bestaat uit twee stiknaden en twee afwerksteken. Deze steek is sterk en rekbaar en daardoor zeer geschikt voor rekbare stoffen. De patroondelen worden met deze steek direct aan elkaar genaaid, waardoor alleen de locknaad overblijft en er geen extra naadwaarde meer nodig is.
Wanneer je naden open wilt strijken, bijvoorbeeld bij niet-rekbare stoffen of bij naden die anders te dik worden, werk je eerst alle naden af met de driedraads locksteek. De naadwaarde is vooraf op 1,5 cm geknipt. Tijdens het locken wordt een halve centimeter afgesneden, waardoor er 1 cm naadwaarde overblijft. Vervolgens naai je de delen met de naaimachine aan elkaar met een gewone stiksteek. Het voordeel van deze werkwijze is dat de naden al zijn afgewerkt en je achteraf niet meer hoeft te locken.
Op de onderstaande foto zie je aan de linkerkant een locksteek die met de lockmachine is gemaakt. Aan de rechterkant staan drie verschillende locksteken die met de naaimachine zijn genaaid.

Voor uitgebreide uitleg over de werking van de lockmachine en het inrijgen raadpleeg je de handleiding of maak je een afspraak voor privé locklessen.